39314_VV(1).jpg

Het eerste woningbouwproject in Blossem is in aantocht: Redwood. Het gebouw met vijf woonlagen en 53 appartementen krijgt een groen hart met landschap rondom; alzijdig in het groen. Het ontwerp is modern te noemen, waarbij structuur, repetitie én doelmatigheid in de vormgeving zichtbaar zijn. De Rotterdamse Architectuurstudio AAAN beantwoordt vijf vragen over het ontwerp.

1. Wat is in een notendop de visie achter de architectuur van Redwood?

“Dat is toch wel de alzijdigheid van het gebouw. Terwijl het landschap rondom overal anders is, toont het gebouw zich als een helder volume in het groen met een lichte, losstaande gevelstructuur. De gevelstructuur van beton staat vóór de houten gevel, waardoor er tussenruimte ontstaat voor balkons of een rondgang. Van een afstand zie je vooral de compositie van de lichte betonstructuur, maar als je dichterbij komt zie je dat het grid is opgebouwd uit gestapelde kruizen met een afgeschuinde belijning. Hierdoor krijgt het gebouw een verfijning en elegantie die verwijst naar de negentiende-eeuwse industriële architectuur. Efficiënt, doelmatig en tegelijk karakteristiek door de materialisatie en detaillering. Het hart van het gebouw, het open atrium, heeft een directe relatie met het plein en de hoofdentree van het gebouw. De grens tussen wat publieke, collectieve en private ruimte is, loopt geleidelijk in elkaar over door de ontwerpkeuzes die zijn gemaakt.”

Maas-Jacobs-NBU%20Blossem%20Brochurefotografie-LR-74.jpg

Hilbrand Wanders (l) & Luuk Stoltenborg, beiden architect en partner bij Studio AAAN

 2. Wat maakt Redwood een typisch ontwerp van AAAN?

“Bij AAAN houden we van moderne architectuur, waarbij repetitie en doelmatigheid in het ontwerp zichtbaar is. Binnen de ratio van het grid gaan we op zoek naar bijzondere detaillering of ornamentiek. We ontwerpen gebouwen die op een zorgvuldige manier passen in hun omgeving. We stellen ons altijd de vraag: ‘Welke betekenis krijgt het gebouw op deze specifieke plek voor bewoners, bezoekers, gebruikers én de toevallige passant?’ Een gebouw moet aarden op de plek en flexibel zijn, zoals Redwood. Dit is voor ons een belangrijke pijler voor een duurzame ontwikkeling.”

Maas-Jacobs-NBU%20Blossem%20Brochurefotografie-LR-80.jpg

3. Wat maakt de locatie van Blossem zo bijzonder?

“Het interessante van deze plek is de opzet van het stedenbouwkundig plan, waardoor iedere zijde van ieder woongebouw een eigen karakter krijgt. Redwood staat zowel aan een plein als aan een park. Daarnaast is het interessant dat de entree van de parkeergarage ín het gebouw is opgenomen, waardoor het gebouw meer is dan een stapeling van woningen met een gezamenlijke entreehal aan de straat. De opzet van Blossem nodigt uit om nadruk te leggen op de relatie tussen het landschap, de gebouwen en de collectieve ruimtes. Blossem wordt een uniek woongebied waar de industriële geschiedenis op een prachtige wijze voelbaar blijft in een parkachtige opzet, direct naast de binnenstad van Breda.”

4. Jullie hebben het over een duurzame ontwikkeling. Hoe geef je daar invulling aan?

“De compacte opzet van het gebouw en de hoge isolatiewaardes van de gevels zorgen voor minimaal energiegebruik. Door de gevel met de balkons tussen het grid wordt zontoetreding in de zomer beperkt, waardoor er minder koeling nodig is voor een prettig binnenklimaat. Grote plantenbakken in het atrium en de entreezone zorgen voor een groen binnengebied, waar flora en fauna de ruimte krijgt. Op het dak van de ondergrondse parkeergarage komt een flink grondpakket. Dat maakt dat er fraaie beplanting kan groeien en dat bij extreme regenval het water vertraagd wordt opgenomen. Blossem biedt veel ruimte voor groen in de volle grond, wat op wijkniveau een grote bijdrage levert aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en natuurinclusiviteit.”

Maas-Jacobs-NBU%20Blossem%20Brochurefotografie-LR-77.jpg

5. Hoe zorg je dat bewoners hier écht samen gaan leven?

“Door de overgang van publiek naar collectief en privé zorgvuldig te ontwerpen ontstaat in Redwood een private woonbeleving waar ook ruimte is om samen te komen. Deze ruimte voor ontmoeting begint bij de ruime, lichte entreezone rondom een grote plantenbak met bankjes. Voor de bewoners is er een gezamenlijk terras op de eerste verdieping tussen het groen, en op de galerijen zijn er extra brede zones waar ruimte is voor groen, een zitje en spontaan contact met de buren. We zijn ervan overtuigd dat het ontwerpen van karakteristieke gezamenlijke ruimtes en routes door het gebouw belangrijke voorwaarden zijn voor een succesvol woongebouw. De bewoners van een woongebouw vormen een mini-samenleving, waar de kwaliteit van de dagelijkse route langs een groen atrium, of een mooie entreehal een unieke identiteit geeft en aanleiding voor ontmoeting. In deze visie vinden NBU, Maas-Jacobs en wij elkaar en zo hebben we al meerdere woongebouwen succesvol opgeleverd.”


Alle nieuwsberichten

Laatste nieuws